EHB Academy • BV & Holding • Les 13
Managementfee en intercompany-verhoudingen
Hoe Holding BV en Werk BV onderling correct factureren, financieren en afrekenen
Niveau: Verdieping
Leestijd: ± 40 minuten
Versie: 2026
1. Wat leert u in deze les?
Bij een holdingstructuur ontstaan vrijwel automatisch financiële verhoudingen tussen Holding BV en Werk BV.
Holding BV kan managementdiensten verrichten. De holding kan kosten voorschieten. Werk BV kan tijdelijk geld nodig hebben. Er kan een rekening-courant ontstaan. Holding BV kan geld uitlenen en uiteindelijk kan winst vanuit Werk BV als dividend naar Holding BV worden gebracht.
Hoewel het geld uiteindelijk binnen dezelfde ondernemingsgroep blijft, zijn Holding BV en Werk BV juridisch twee verschillende rechtspersonen.
Kernvraag:
Waarom gaat dit bedrag van BV A naar BV B?
Na deze les kunt u managementfee, kostenvergoeding, rekening-courant, lening, rente, dividend en DGA-loon duidelijk van elkaar onderscheiden en administratief verwerken.
2. Holding BV en Werk BV zijn geen gezamenlijke portemonnee
Stel: Holding BV bezit 100% van Werk BV. De DGA is in dienst van Holding BV en verricht vanuit Holding BV managementwerkzaamheden voor Werk BV.
Werk BV → Holding BV:
managementfee, vergoeding van voorgeschoten kosten, rente, aflossing van een schuld en dividend.
Holding BV → Werk BV:
lening, rekening-courantfinanciering, betaling van voorgeschoten kosten en eventueel kapitaalstorting.
Holding BV → DGA:
salaris, onkostenvergoeding, dividend en eventueel lening of rekening-courant.
Deze geldstromen lijken soms op elkaar omdat er steeds geld wordt overgemaakt. Boekhoudkundig en fiscaal zijn het echter verschillende transacties.
3. Wat is een managementfee?
Een managementfee is een vergoeding die bijvoorbeeld Werk BV betaalt aan Holding BV voor daadwerkelijk door Holding BV verrichte managementdiensten.
-
directievoering;
-
strategie;
-
personeelsbeleid;
-
financieel management;
-
commerciële aansturing;
-
contractonderhandelingen;
-
bedrijfsontwikkeling.
De managementfee is in beginsel een
kostenpost bij Werk BV
en een
opbrengst bij Holding BV
. Een managementfee is geen dividenduitkering en ook geen salarisbetaling aan de DGA.
4. Managementfee is niet hetzelfde als DGA-salaris
Stel dat Werk BV jaarlijks €90.000 managementfee aan Holding BV betaalt. Dat betekent niet dat de DGA automatisch €90.000 salaris moet ontvangen.
Holding BV kan ook eigen kosten hebben, zoals DGA-loon, werkgeverslasten, verzekeringen, administratiekosten, advieskosten, auto, software en financieringskosten.
Managementfee:
vergoeding tussen twee vennootschappen.
DGA-salaris:
loon van een natuurlijke persoon.
Dat zijn verschillende fiscale begrippen.
5. De gebruikelijkloonregeling staat daar los van
Als een aanmerkelijkbelanghouder arbeid verricht voor een vennootschap waarin hij of zij een aanmerkelijk belang heeft, moet afzonderlijk worden beoordeeld welk gebruikelijk loon van toepassing is.
Voor 2026 moet het gebruikelijk loon in beginsel minimaal het hoogste zijn van:
-
het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;
-
het loon van de meestverdienende werknemer bij de vennootschap of een verbonden vennootschap;
-
€58.000.
Kan aannemelijk worden gemaakt dat bij de meest vergelijkbare werkzaamheden een lager loon gebruikelijk is, dan kan onder voorwaarden een lager bedrag gelden.
Daarom zijn zowel “de managementfee is €80.000, dus het DGA-loon moet €80.000 zijn” als “het gebruikelijk loon is €58.000, dus de managementfee is €58.000” onjuiste redeneringen. Beide bedragen moeten op hun eigen grondslag worden bepaald.
6. Een actueel aandachtspunt uit 2026
De Kennisgroep van de Belastingdienst heeft in 2026 opnieuw aandacht besteed aan situaties waarin een DGA via een holding werkzaamheden verricht in relatie tot een werkmaatschappij.
Daaruit blijkt hoe belangrijk de feitelijke arbeidsrelatie en contractuele structuur zijn bij de beoordeling waar de gebruikelijkloonregeling wordt toegepast.
Praktische conclusie:
kijk niet alleen naar de factuurstroom. Onderzoek waar de DGA feitelijk arbeid verricht, op basis van welke rechtsverhouding en waar de dienstbetrekking is vormgegeven.
7. Hoe bepaal je een zakelijke managementfee?
Er bestaat geen standaardpercentage dat voor iedere holdingstructuur geschikt is. De managementfee moet aansluiten bij de economische werkelijkheid.
-
aard van de managementwerkzaamheden;
-
hoeveelheid bestede tijd;
-
verantwoordelijkheden;
-
benodigde deskundigheid;
-
kosten van Holding BV;
-
vergelijkbare externe managementtarieven;
-
eventuele risico's die Holding BV draagt.
Bij een eenvoudige structuur kan een vaste maandelijkse vergoeding praktisch zijn. Bij meerdere werkmaatschappijen kan een verdeelsleutel nodig zijn.
8. De managementovereenkomst
Leg structurele managementdiensten schriftelijk vast. In een managementovereenkomst kunnen onder andere partijen, werkzaamheden, verantwoordelijkheden, vergoeding, indexering, factureringsfrequentie, betalingsvoorwaarden, aanvullende kosten, duur en beëindiging worden geregeld.
De administratie en de overeenkomst moeten hetzelfde verhaal vertellen. Een overeenkomst van €6.000 per maand terwijl jarenlang €10.000 wordt gefactureerd, verdient uitleg of aanpassing.
9. Praktijkvoorbeeld: €7.500 managementfee per maand
Holding BV factureert iedere maand €7.500 managementfee plus 21% btw (€1.575), totaal €9.075. We gaan ervan uit dat Holding BV en Werk BV geen fiscale eenheid voor de btw vormen.
Holding BV
Debet Debiteuren Werk BV €9.075
Credit Managementopbrengst €7.500
Credit Te betalen btw €1.575
Werk BV
Debet Managementkosten €7.500
Debet Te vorderen btw €1.575
Credit Crediteuren Holding BV €9.075
Bij betaling verdwijnt alleen de debiteuren-/crediteurenpositie. Er ontstaat niet opnieuw een kosten- of opbrengstboeking.
10. Wat gebeurt er als beide BV's een btw-fiscale eenheid vormen?
Binnen een fiscale eenheid voor de btw wordt over onderlinge goederen en diensten geen btw berekend.
Holding BV
Debet Intercompany-vordering Werk BV €7.500
Credit Managementopbrengst €7.500
Werk BV
Debet Managementkosten €7.500
Credit Intercompany-schuld Holding BV €7.500
Er wordt dus geen €1.575 interne btw geboekt. Voor een btw-fiscale eenheid moet onder meer sprake zijn van financiële, organisatorische en economische verwevenheid.
11. Een btw-fiscale eenheid betekent niet dat de administratie verdwijnt
Omdat voor de btw geen interne belaste prestatie wordt gezien, betekent dat niet dat Holding BV en Werk BV boekhoudkundig één onderneming zijn geworden.
De managementdienst kan commercieel nog steeds als opbrengst bij Holding BV en als kosten bij Werk BV worden verwerkt. De juridische vennootschappen blijven bestaan. Wat vervalt, is de btw over de onderlinge prestatie.
12. Let op de aansprakelijkheid binnen de btw-fiscale eenheid
Alle onderdelen zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de btw die de fiscale eenheid verschuldigd is.
Vraag bij de structuurkeuze niet alleen:
“Scheelt dit administratief werk?”
Vraag ook:
“Welke aansprakelijkheid verbinden we hiermee tussen de vennootschappen?”
13. Managementfee en winstverschuiving
Stel dat Werk BV vóór managementfee €180.000 winst maakt. Holding BV factureert 12 × €7.500 = €90.000 managementfee.
Dan daalt, afgezien van andere posten, de winst van Werk BV naar €90.000 en ontstaat bij Holding BV €90.000 managementopbrengst.
De totale economische groepswinst daalt daardoor niet met €90.000. De kosten van de ene BV zijn immers de opbrengsten van de andere BV. Pas de eigen kosten van Holding BV verminderen het totale groepsresultaat.
14. Managementfee is geen instrument om willekeurig winst te sturen
Je kunt niet aan het einde van het jaar simpelweg constateren: “Werk BV heeft te veel winst. We boeken nog €100.000 managementfee.”
De vergoeding moet betrekking hebben op een werkelijke prestatie en zakelijk verdedigbaar zijn. Vooraf vastgelegde diensten, tarieven, factureringsmomenten en afspraken versterken de onderbouwing.
15. Kosten voorschieten is iets anders dan managementfee
Stel Holding BV betaalt een softwarefactuur van €1.210 die volledig betrekking heeft op Werk BV: €1.000 plus €210 btw.
Wanneer Holding BV uitsluitend voor Werk BV voorschiet, moet je niet automatisch €1.000 extra managementopbrengst boeken. Er ontstaat in beginsel een onderlinge vordering.
De btw-verwerking hangt af van wie juridisch afnemer van de prestatie is en hoe de oorspronkelijke factuur is opgesteld. Een betaling door Holding BV maakt Holding BV niet automatisch tot afnemer.
16. Gemeenschappelijke kosten verdelen
Als Holding BV zelf diensten afneemt die voor meerdere groepsmaatschappijen worden gebruikt, moet worden beoordeeld of en hoe die kosten worden doorbelast.
Mogelijke verdeelsleutels zijn werkelijk gebruik, aantal werknemers, omzet, aantal transacties, vierkante meters of bestede uren.
Gebruik een sleutel die economisch uitlegbaar is en pas deze consequent toe.
17. Rekening-courant tussen Holding BV en Werk BV
Voor regelmatig wisselende, relatief kleine bedragen kan een rekening-courantverhouding praktisch zijn.
Holding BV
Debet Rekening-courant Werk BV €2.500
Credit Bank €2.500
Werk BV
Debet betreffende kosten/balanspost €2.500
Credit Rekening-courant Holding BV €2.500
De onderlinge saldi moeten op dezelfde datum exact aansluiten.
18. Wanneer wordt rekening-courant eigenlijk een lening?
Een rekening-courant is bedoeld voor wisselende onderlinge bedragen. Als Werk BV structureel bijvoorbeeld €150.000 aan Holding BV verschuldigd blijft en nauwelijks wordt afgelost, lijkt de positie economisch steeds meer op een lening.
Het is dan doorgaans beter de financiering als lening te documenteren en passende voorwaarden vast te leggen.
19. Intercompany-lening
Holding BV verstrekt €100.000 aan Werk BV voor de aankoop van machines.
Holding BV
Debet Lening u/g Werk BV €100.000
Credit Bank €100.000
Werk BV
Debet Bank €100.000
Credit Lening o/g Holding BV €100.000
Leg hoofdsom, doel, rente, looptijd, aflossingsschema, betalingsmomenten, eventuele zekerheden en gevolgen van wanbetaling vast. De voorwaarden moeten zakelijk kunnen worden onderbouwd.
20. Rente over de intercompany-lening
Stel dat de zakelijke rente 5% per jaar bedraagt. Over €100.000 ontstaat bij een volledig jaar €5.000 rente.
Holding BV
Debet Te ontvangen rente €5.000
Credit Rentebaten €5.000
Werk BV
Debet Rentelasten €5.000
Credit Te betalen rente €5.000
Bij betaling worden alleen de balansposten afgeboekt. Rente is geen aflossing.
21. Aflossing is geen kostenpost
Werk BV lost €20.000 af.
Werk BV
Debet Lening o/g Holding BV €20.000
Credit Bank €20.000
Holding BV
Debet Bank €20.000
Credit Lening u/g Werk BV €20.000
Er ontstaat geen opbrengst bij Holding BV en geen kostenpost bij Werk BV. Alleen de schuld en vordering worden afgebouwd.
22. Dividend is opnieuw iets anders
Stel Werk BV heeft na belasting voldoende winst en reserves en besluit rechtsgeldig €60.000 dividend aan Holding BV uit te keren.
Binnen onze in Les 09 gekozen deelnemingsmethodiek heeft Holding BV het resultaat van Werk BV al verwerkt.
Holding BV bij ontvangst
Debet Bank €60.000
Credit Deelneming Werk BV €60.000
De cash neemt toe en de boekwaarde van de deelneming neemt af. Er ontstaat geen tweede resultaatneming.
23. De volledige geldketen
Werk BV behaalt vóór managementfee bijvoorbeeld €200.000 resultaat en betaalt €90.000 managementfee aan Holding BV. Voor overige posten houdt Werk BV dan €110.000 resultaat over.
Holding BV ontvangt €90.000 managementopbrengst en betaalt bijvoorbeeld €65.000 DGA-loon en overige loonkosten/kosten. Sterk vereenvoudigd resteert €25.000 eigen resultaat uit de managementactiviteit.
Daarnaast kan Holding BV later het deelnemingsresultaat van Werk BV verwerken. Nog later kan cash via dividend naar Holding BV worden gebracht. Dat dividend is geen nieuwe managementopbrengst en binnen onze deelnemingsmethodiek ook geen tweede deelnemingsopbrengst.
Vier verschillende lagen
1. Managementprestatie → managementfee
2. Arbeid DGA → loon
3. Winst Werk BV → deelnemingsresultaat
4. Uitkering van beschikbare winst → dividend/cashtransfer
24. Wat betaalt waar vennootschapsbelasting?
Buiten een fiscale eenheid voor de VPB bepaalt iedere BV in beginsel haar eigen belastbare resultaat.
In 2026 bedraagt het VPB-tarief 19% over het belastbare bedrag tot en met €200.000 en 25,8% over het meerdere.
De managementfee verlaagt bij Werk BV het commerciële en in beginsel fiscale resultaat als sprake is van een zakelijke aftrekbare ondernemingslast. Bij Holding BV vormt de managementfee juist omzet. Het DGA-loon en andere zakelijke kosten drukken vervolgens het resultaat van Holding BV.
Kwalificerende deelnemingsresultaten worden afzonderlijk volgens de deelnemingsvrijstelling behandeld.
25. Intercompany-aansluiting
Dit is één van de belangrijkste administratieve controles binnen een holdingstructuur.
|
Holding BV
|
Werk BV
|
|
Debiteur Werk BV
|
Crediteur Holding BV
|
|
RC Werk BV
|
RC Holding BV
|
|
Lening u/g Werk BV
|
Lening o/g Holding BV
|
|
Te ontvangen rente
|
Te betalen rente
|
De bedragen moeten spiegelbeeldig aansluiten. Een verschil moet worden onderzocht, liefst periodiek gedurende het jaar en niet pas bij de jaarrekening.
26. Jaarafsluiting: bevestig de onderlinge posities
Leg per BV-groep minimaal vast: openstaande intercompany-facturen, rekening-courantsaldi, leningstanden, opgebouwde rente, aflossingen, managementfees, kostendoorbelastingen, dividendbesluiten en eventuele kapitaalstortingen.
Interne regel:
iedere intercompany-balanspost moet een naam, tegenpartij en verklaring hebben.
“Overige vordering €47.386” is onvoldoende informatief als het eigenlijk een lening aan Werk BV betreft.
27. Veelgemaakte fouten
-
managementfee gelijkstellen aan DGA-loon;
-
geen managementovereenkomst hebben;
-
één managementfactuur achteraf gebruiken om de winst te sturen;
-
btw berekenen terwijl beide BV's onderdeel zijn van dezelfde btw-fiscale eenheid;
-
juist geen btw berekenen terwijl dat wel moet;
-
kosten doorbelasten zonder te beoordelen wie werkelijk afnemer is;
-
structurele financiering jarenlang in rekening-courant laten staan;
-
geen rente berekenen of onderbouwen op een intercompany-lening;
-
aflossing als kosten boeken;
-
dividend als tweede opbrengst boeken terwijl het resultaat al via de deelneming is verwerkt;
-
intercompany-saldi pas bij de jaarrekening aansluiten.
28. EHB Intercompany-check
-
Is er een actuele managementovereenkomst?
-
Sluit de managementfee aan bij de feitelijke werkzaamheden?
-
Wordt correct met btw gefactureerd?
-
Is er een btw-fiscale eenheid?
-
Zijn gemeenschappelijke kosten zakelijk verdeeld?
-
Sluiten rekening-courantsaldi spiegelbeeldig aan?
-
Zijn structurele financieringen als lening vastgelegd?
-
Is de rente zakelijk onderbouwd?
-
Sluiten rente en aflossing in beide administraties aan?
-
Zijn dividendbesluiten juridisch correct vastgelegd?
-
Is het DGA-loon afzonderlijk beoordeeld?
-
Sluiten alle intercompany-posities op balansdatum aan?
29. Samenvatting – tien kernlessen
-
Holding BV en Werk BV zijn afzonderlijke rechtspersonen.
-
Iedere onderlinge geldstroom moet een duidelijke economische titel hebben.
-
Managementfee is een vergoeding voor managementdiensten.
-
Managementfee en DGA-loon zijn twee verschillende begrippen.
-
Het gebruikelijk loon bedraagt in 2026 niet automatisch €58.000; €58.000 is één van de bedragen binnen de wettelijke vergelijking.
-
Binnen een btw-fiscale eenheid wordt over interne prestaties geen btw berekend.
-
Rekening-courant is geschikt voor wisselende onderlinge bedragen, niet als permanente financieringsoplossing.
-
Structurele financiering hoort als zakelijke lening te worden gedocumenteerd.
-
Rente, aflossing, dividend en managementfee hebben ieder een andere boekhoudkundige verwerking.
-
Intercompany-saldi moeten periodiek spiegelbeeldig worden aangesloten.
30. EHB Slotgedachte
Een holdingstructuur wordt niet ingewikkeld omdat er meerdere BV's bestaan. Hij wordt ingewikkeld wanneer niet meer duidelijk is
waarom geld van de ene BV naar de andere gaat
.
Managementfee, rekening-courant, lening, rente, salaris en dividend hebben ieder een eigen functie. Wanneer iedere geldstroom een zakelijke reden, documentatie én een spiegelbeeldige boeking heeft, wordt een holdingstructuur juist overzichtelijk.
Niet de hoeveelheid geldstromen bepaalt de kwaliteit van de administratie, maar de vraag of iedere geldstroom verklaarbaar is.
31. Volgende les
Les 14 – Rekening-courant DGA en lenen van de BV
In Les 14 verplaatsen we de aandacht van transacties tussen vennootschappen naar transacties tussen de BV en de DGA privé. Daar behandelen we onder andere rekening-courant DGA, geld lenen van de eigen BV, zakelijke voorwaarden, rente, eigenwoningleningen, dividendcorrecties en de Wet excessief lenen.
Bronnen en actualiteitscontrole 2026
Belastingdienst – gebruikelijk loon; fiscale eenheid voor de btw; voorwaarden en gevolgen van de fiscale eenheid; vennootschapsbelasting 2026; deelnemingsvrijstelling.
Kennisgroepen Belastingdienst – actuele standpunten over managementvergoedingen, doorbetaaldloonregeling en gebruikelijk loon in 2026.
Bij concrete structuren moeten onder meer de feitelijke arbeidsrelatie, contracten, transfer pricing, renteaftrek, aansprakelijkheid, dividendbesluiten en fiscale eenheden afzonderlijk worden beoordeeld.
Disclaimer
Deze Academy-les bevat algemene educatieve informatie en vervangt geen individuele fiscale, juridische of financiële beoordeling. Vooral managementstructuren, gebruikelijk loon, btw-fiscale eenheden en gelieerde financieringen moeten worden beoordeeld aan de hand van de concrete feiten en overeenkomsten.