EHB Academy • BV & Holding • Les 02
De Holding BV
Wat is een holding, hoe werkt deze en wanneer heeft zij toegevoegde waarde?
Niveau: Basis/verdieping
Leestijd: ± 30 minuten
Versie: 2026
|
Niveau
|
Leestijd
|
Versie
|
|
Basis / verdieping
|
± 30 minuten
|
2026
|
Begrijpen → Herkennen → Structureren → Beslissen → Toepassen
Wat leert u in deze les?
In Les 01 hebt u beoordeeld wanneer een BV een serieuze optie wordt. Nu volgt de tweede vraag: is één BV voldoende, of heeft een holding met een werkmaatschappij toegevoegde waarde? In deze les bekijken we de holding juridisch, fiscaal, financieel en praktisch.
-
uitleggen wat een holding-BV is en wat zij feitelijk doet;
-
het verschil herkennen tussen één BV en een holding met werkmaatschappij;
-
begrijpen hoe aandelen, dividend, managementfee en rekening-courant zich tot elkaar verhouden;
-
de werking en grenzen van de deelnemingsvrijstelling uitleggen;
-
beoordelen waarom vermogen soms uit de operationele werkmaatschappij naar de holding wordt gebracht;
-
herkennen wanneer een holding juist onnodig of te kostbaar is;
-
een eerste holdinganalyse voor uw eigen onderneming maken.
EHB KERNVRAAG
Niet: ‘Iedere ondernemer met een BV heeft een holding nodig.’ Maar: ‘Welke concrete functie moet mijn holding vervullen?’
1. Wat is een holding?
Een holding is in de kern een BV die aandelen houdt in één of meer andere vennootschappen. In een eenvoudige structuur bezit u privé de aandelen in de holding en bezit de holding de aandelen in de werkmaatschappij. De werkmaatschappij voert de operationele onderneming.
BASISSTRUCTUUR U
privé ↓ aandelen Holding BV ↓ aandelen Werkmaatschappij BV ↓ Klanten, omzet, personeel, contracten en operationele risico’s
2. Eén BV versus holding + werkmaatschappij
|
Onderwerp
|
Eén BV
|
Holding + werkmaatschappij
|
|
Aandeelhouder
|
U privé
|
Holding bezit werkmaatschappij; u bezit holding
|
|
Operationele activiteiten
|
In dezelfde BV
|
In werkmaatschappij
|
|
Vermogen buiten operatie
|
Beperkter te scheiden
|
Kan onder voorwaarden naar holding worden gebracht
|
|
Administratie
|
Eén BV
|
Minimaal twee BV-administraties
|
|
Jaarrekening/VPB
|
Eén set verplichtingen
|
Per BV, tenzij specifieke fiscale regels anders uitwerken
|
|
Verkoop onderneming
|
Vaak verkoop aandelen die u privé houdt
|
Holding kan aandelen werkmaatschappij verkopen
|
|
Kosten
|
Lager
|
Hoger
|
3. Wat doet de werkmaatschappij?
De werkmaatschappij is doorgaans de BV waarin de feitelijke bedrijfsactiviteiten plaatsvinden. Zij factureert klanten, sluit contracten, betaalt leveranciers, kan personeel in dienst hebben en draagt de operationele ondernemingsrisico’s.
EHB UITLEG
De gedachte achter de structuur is niet dat risico verdwijnt. De bedoeling is dat verschillende functies en vermogensbestanddelen juridisch beter van elkaar kunnen worden gescheiden.
4. Wat doet de holding?
De holding kan verschillende functies hebben. Zij kan de aandelen in de werkmaatschappij houden, dividend ontvangen, vermogen aanhouden, financieringen verstrekken, bepaalde bezittingen houden en managementdiensten verrichten. Welke functies verstandig zijn, hangt af van de concrete onderneming.
-
aandelen houden in één of meer werkmaatschappijen;
-
ontvangen dividend beheren;
-
vermogen en reserves buiten de dagelijkse operatie aanhouden;
-
investeringen in andere ondernemingen doen;
-
leningen of rekening-courantposities binnen de groep beheren;
-
managementdiensten verrichten wanneer daar daadwerkelijk zakelijke prestaties tegenover staan.
5. De deelnemingsvrijstelling
De deelnemingsvrijstelling voorkomt in hoofdlijnen dat winst die al bij een dochtermaatschappij is belast, nogmaals in de vennootschapsbelasting wordt belast bij de moedermaatschappij. Voordelen uit een kwalificerende deelneming, zoals ontvangen dividend en winst bij verkoop van de deelneming, behoren in het algemeen niet tot de belastbare winst van de holding.
BELANGRIJK
De deelnemingsvrijstelling is geen algemene ‘belastingvrijstelling voor holdings’. Zij ziet op voordelen uit een kwalificerende deelneming. Verliezen op een deelneming zijn in het algemeen evenmin aftrekbaar en voor beleggingsdeelnemingen gelden aanvullende regels.
Voor een gewone holding die 100% van een operationele dochter-BV bezit, is de deelnemingsvrijstelling doorgaans een kernonderdeel van de structuur. Bij bijzondere of internationale situaties is afzonderlijke beoordeling noodzakelijk.
6. Dividend van werkmaatschappij naar holding
Heeft de werkmaatschappij winst gemaakt en is uitkering juridisch verantwoord, dan kan zij dividend uitkeren aan haar aandeelhouder: de holding. Bij deelnemingsdividend aan een in Nederland gevestigde aandeelhouder moet doorgaans de inhoudingsvrijstelling voor dividendbelasting worden toegepast. Daardoor wordt in zo’n standaardsituatie niet eerst 15% dividendbelasting ingehouden.
GELDSTROOM
Werkmaatschappij maakt winst → betaalt VPB → winst na belasting → dividendbesluit en uitkeringstoets → dividend naar Holding BV → vermogen beschikbaar in holding.
7. Dividend is niet hetzelfde als managementfee
Dividend is een winstuitkering aan een aandeelhouder. Een managementfee is een vergoeding voor daadwerkelijk verrichte management- of andere diensten. De twee geldstromen hebben dus een andere juridische, fiscale en administratieve grondslag.
|
Dividend
|
Managementfee
|
|
Grondslag
|
Aandeelhouderschap / winstuitkering
|
Zakelijke dienstverlening
|
|
Bij werkmaatschappij
|
Geen gewone bedrijfskostenpost
|
Kan zakelijke kostenpost zijn
|
|
Bij holding
|
Deelnemingsvoordeel kan vrijgesteld zijn
|
Belaste omzet/opbrengst; btw beoordelen
|
|
Documentatie
|
Besluitvorming en uitkeringstoets
|
Overeenkomst, prestatie en zakelijke vergoeding
|
LET OP
Een managementfee mag niet uitsluitend worden gebruikt als willekeurige manier om winst van de ene BV naar de andere te verschuiven. Er moeten zakelijke prestaties en een verdedigbare vergoeding tegenover staan.
8. Rekening-courant tussen holding en werkmaatschappij
Onderlinge betalingen worden in de praktijk vaak via een rekening-courantverhouding verwerkt. Daardoor ontstaat een vordering van de ene BV en een schuld van de andere. Zo’n rekening-courant is geen vrijbrief voor onbeperkte, ongedocumenteerde geldstromen.
-
boek beide zijden consequent en sluit de saldi op elkaar aan;
-
leg bij materiële of langdurige financiering zakelijke voorwaarden vast;
-
beoordeel rente, looptijd, aflossing en zekerheden wanneer de verhouding feitelijk een lening wordt;
-
voorkom dat dividend, managementfee en lening administratief door elkaar lopen.
9. Vermogen buiten het operationele risico
Een veelgenoemde reden voor een holding is het opbouwen van vermogen buiten de werkmaatschappij. Als overtollige middelen op juridisch correcte wijze als dividend naar de holding zijn uitgekeerd, staan die middelen niet langer op de balans van de werkmaatschappij.
NUANCE
Dit betekent niet dat vermogen in een holding onder alle omstandigheden onaantastbaar is. Garanties, borgstellingen, concernfinanciering, aansprakelijkheidskwesties, paulianeus handelen of onzorgvuldige uitkeringen kunnen de gewenste scheiding aantasten.
10. Praktijkvoorbeeld – winst opbouwen
Stel: Werk BV behaalt na alle kosten en vóór VPB € 100.000 belastbare winst. Bij een VPB-tarief van 19% resteert in dit vereenvoudigde voorbeeld € 81.000 na VPB. Als aan de juridische voorwaarden voor dividend wordt voldaan, kan een deel daarvan aan Holding BV worden uitgekeerd.
|
Vereenvoudigd voorbeeld
|
Bedrag
|
|
Belastbare winst Werk BV
|
€ 100.000
|
|
VPB 19%
|
€ 19.000
|
|
Winst na VPB
|
€ 81.000
|
|
Stel: dividend naar holding
|
€ 60.000
|
|
Resteert in Werk BV
|
€ 21.000
|
Dit voorbeeld abstraheert van overige fiscale en juridische factoren. De hoogte van een verantwoord dividend hangt onder meer af van de financiële positie en toekomstige verplichtingen van de uitkerende BV.
11. Geld van holding naar privé
Geld dat in Holding BV staat, is nog geen privévermogen. Wilt u geld naar privé halen, dan moet daarvoor een passende route worden gebruikt, bijvoorbeeld loon, dividend, terugbetaling van een zakelijke vordering of een zakelijke lening.
BOX 2 2026
Bij een aanmerkelijk belang wordt dividend aan privé in box 2 belast. In 2026 bedraagt het tarief 24,5% tot € 68.843 belastbaar box-2-inkomen en 31% over het meerdere.
12. Verkoop van de werkmaatschappij
Een belangrijk strategisch voordeel kan ontstaan bij verkoop van de aandelen in de werkmaatschappij. Als de holding een kwalificerende deelneming verkoopt, valt de verkoopwinst in het algemeen onder de deelnemingsvrijstelling. De verkoopopbrengst kan daardoor binnen de holding beschikbaar blijven voor nieuwe investeringen of vermogensbeheer.
EHB UITLEG
Dit betekent niet dat de ondernemer de verkoopopbrengst belastingvrij privé kan opnemen. Zodra geld vanuit de holding naar privé wordt uitgekeerd, kunnen andere heffingen, waaronder box 2, aan de orde zijn.
13. Meerdere werkmaatschappijen
Een holding kan ook aandelen houden in meerdere werkmaatschappijen. Dat kan nuttig zijn wanneer activiteiten duidelijk verschillen in risico, partners, financiering of toekomstige verkoopbaarheid.
VOORBEELDSTRUCTUUR U
privé ↓ Holding BV ↙ ↓ ↘ Werk BV A Werk BV B Vastgoed/andere BV
14. Fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting
Holding en dochter kunnen onder voorwaarden een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting vormen. De moeder moet onder meer minimaal 95% van aandelen, winst, vermogen en stemrechten hebben. Binnen de fiscale eenheid worden resultaten van de dochter aan de moeder toegerekend en kunnen verliezen van de ene maatschappij onder voorwaarden met winsten van een andere gevoegde maatschappij worden verrekend.
LET OP
Een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting is iets anders dan een fiscale eenheid voor de btw.
15. Fiscale eenheid voor de btw
Voor de btw gelden andere criteria. Ondernemingen moeten financieel, organisatorisch en economisch verweven zijn, ieder ondernemer voor de btw zijn en in Nederland gevestigd zijn. Onder voorwaarden kan ook een holding onderdeel zijn van zo’n fiscale eenheid.
Een btw-fiscale eenheid kan gevolgen hebben voor onderlinge prestaties en aansprakelijkheid. Daarom hoort de beoordeling ervan niet automatisch bij iedere holdingstructuur, maar wel op de checklist.
16. De nadelen en kosten van een holding
Een holdingstructuur is geen gratis optimalisatie. Twee BV’s betekenen in beginsel ook twee juridische entiteiten die goed moeten worden bestuurd en geadministreerd.
-
extra oprichtingskosten;
-
extra administratie en bankzaken;
-
jaarrekening- en aangifteverplichtingen per vennootschap;
-
meer intercompanyboekingen en aansluitingen;
-
meer overeenkomsten en formele besluitvorming;
-
mogelijk hogere advies- en accountants-/administratiekosten.
EHB KERNPUNT
Een holding is pas zinvol als de juridische, fiscale of strategische functie opweegt tegen de extra kosten en complexiteit.
17. Wanneer is een holding vaak wél interessant?
-
u wilt structureel vermogen buiten de operationele BV opbouwen;
-
u verwacht de werkmaatschappij later mogelijk te verkopen;
-
u wilt meerdere activiteiten of werkmaatschappijen onder één moederstructuur brengen;
-
u wilt investeringen vanuit een centrale holding doen;
-
u wilt ondernemingsrisico’s beter structureren;
-
u werkt met meerdere aandeelhouders waarbij ieder een persoonlijke holding gebruikt;
-
u wilt een duidelijke scheiding tussen operationele activiteit en bepaalde vermogensfuncties.
18. Wanneer is een holding mogelijk níet nodig?
-
de onderneming is klein en de verwachte winst is beperkt;
-
vrijwel alle beschikbare middelen zijn jaarlijks privé nodig;
-
er is weinig vermogen om buiten de operatie op te bouwen;
-
er zijn geen concrete groei-, verkoop- of investeringsplannen;
-
de extra jaarlijkse kosten wegen zwaarder dan de praktische voordelen;
-
de gewenste functies kunnen met één BV voldoende worden bereikt.
19. Praktijkopdracht 1 – Welke functie krijgt mijn holding?
VINK AAN WAT VOOR U GELDT
☐ Vermogen opbouwen buiten de werkmaatschappij ☐ Werkmaatschappij later verkopen ☐ Meerdere activiteiten scheiden ☐ Investeren in andere ondernemingen ☐ Vastgoed of andere bezittingen structureren ☐ Samenwerken met andere aandeelhouders ☐ Managementactiviteiten centraal uitvoeren ☐ Financieringen binnen de groep beheren ☐ Geen van bovenstaande functies is momenteel concreet
20. Praktijkopdracht 2 – Geldstromen tekenen
TEKEN UW EIGEN STRUCTUUR
1. Wie bezit de aandelen van de holding? 2. Welke BV factureert de klanten? 3. Waar wordt het DGA-loon verwerkt? 4. Is er een managementfee? Waarom? 5. Welke BV bouwt vermogen op? 6. Zijn er onderlinge leningen of rekening-courantposities? 7. Waar komt een toekomstige verkoopopbrengst terecht?
21. Holding-checklist
☐ De functie van de holding is vooraf duidelijk.
☐ De aandelenstructuur sluit aan op de toekomstplannen.
☐ Managementdiensten zijn schriftelijk en zakelijk onderbouwd.
☐ Dividenduitkeringen worden formeel en financieel beoordeeld.
☐ Intercompany rekening-courant en leningen sluiten in beide administraties aan.
☐ De deelnemingsvrijstelling is voor de betreffende deelneming beoordeeld.
☐ De wenselijkheid van een VPB-fiscale eenheid is beoordeeld.
☐ De btw-positie en eventuele btw-fiscale eenheid zijn beoordeeld.
☐ Vermogen wordt niet onnodig in de risicodragende werkmaatschappij opgepot.
☐ Privéopnamen lopen via een juridisch en fiscaal juiste route.
22. Veelgemaakte fouten
‘Een holding betaalt geen belasting’
Onjuist. De holding is in beginsel VPB-plichtig. De deelnemingsvrijstelling ziet op kwalificerende deelnemingsvoordelen.
Dividend en managementfee verwarren
Dividend volgt uit aandeelhouderschap; managementfee uit dienstverlening.
Al het geld direct naar de holding sturen
Een werkmaatschappij moet voldoende liquiditeit en weerstandsvermogen houden voor haar verplichtingen.
Onderlinge rekening-courant niet aansluiten
Elke vordering bij de ene BV moet corresponderen met de schuld bij de andere.
Een holding alleen om fiscale redenen oprichten
De structuur moet ook juridisch, financieel en strategisch logisch zijn.
Denken dat vermogen volledig veilig is
Garanties, borgstellingen en onzorgvuldig handelen kunnen de beoogde risicoscheiding aantasten.
23. Beslisboom – Past een holding bij mij?
EHB BESLISBOOM
Is een BV voor uw onderneming passend? ↓ Wilt u vermogen buiten de operationele activiteit opbouwen? OF verwacht u verkoop / meerdere activiteiten / investeringen / samenwerking? ↓ JA → Onderzoek holding + werkmaatschappij NEE → Vergelijk de extra voordelen met de extra jaarlijkse kosten ↓ Bepaal vervolgens: aandelenstructuur → geldstromen → dividend → management → financiering → fiscale eenheden → administratie
24. Samenvatting – acht kernlessen
1. Een holding is een BV die doorgaans aandelen houdt in één of meer andere vennootschappen.
2. De werkmaatschappij voert meestal de operationele activiteiten en draagt de dagelijkse ondernemingsrisico’s.
3. De deelnemingsvrijstelling voorkomt in veel standaardsituaties dubbele VPB-heffing over kwalificerende deelnemingsvoordelen.
4. Dividend, managementfee en rekening-courant zijn drie verschillende geldstromen en moeten afzonderlijk worden behandeld.
5. Vermogen kan via correcte dividenduitkeringen buiten de operationele werkmaatschappij worden opgebouwd.
6. Geld in de holding is nog geen privévermogen.
7. Een holding kan strategisch waardevol zijn bij verkoop, investeringen, meerdere activiteiten en risicospreiding.
8. De extra kosten en administratie betekenen dat een holding altijd een concrete functie moet hebben.
25. Uw volgende stap
Maak nu een eenvoudige schets van uw gewenste structuur en noteer bij iedere BV haar functie. Schrijf vervolgens bij iedere geldstroom waarom die bestaat: dividend, managementfee, lening, rekening-courant of kapitaal. Als u de functie van een geldstroom niet duidelijk kunt benoemen, verdient die stroom nadere beoordeling.
EHB SLOTGEDACHTE
Een goede holdingstructuur is geen verzameling BV’s. Het is een bewust ontworpen verdeling van eigendom, activiteiten, vermogen en risico.
26. Volgende les
Les 03 – Holding + Werkmaatschappij
In Les 03 gaan we de structuur operationeel uitwerken: wie factureert, waar staat personeel op de loonlijst, hoe lopen managementfee, dividend en rekening-courant, welke overeenkomsten zijn nodig en hoe verwerkt u de onderlinge transacties in de administratie.
Bronnen en actualiteitscontrole 2026
-
Belastingdienst – Deelnemingsvrijstelling: voordelen uit een kwalificerende deelneming, waaronder dividend en verkoopwinst, behoren in het algemeen niet tot de belastbare winst; verliezen zijn in het algemeen niet aftrekbaar.
-
Belastingdienst – Dividendbelasting: tarief 15%; bij deelnemingsdividend aan een in Nederland gevestigde organisatie moet doorgaans de inhoudingsvrijstelling worden toegepast.
-
Belastingdienst – Box 2 2026: 24,5% tot € 68.843 en 31% over het meerdere.
-
Belastingdienst – Fiscale eenheid VPB: onder meer 95%-eisen voor aandelen, winst, vermogen en stemrecht.
-
Belastingdienst – Fiscale eenheid btw: financiële, organisatorische en economische verwevenheid; zelfstandige btw-ondernemers; vestiging in Nederland.
Controleer bij actualisering van deze les steeds de geldende wetgeving, tarieven en beleidsregels voor het betreffende kalenderjaar.
DISCLAIMER
Deze Academy-les bevat algemene educatieve informatie en is geen individueel fiscaal, juridisch of financieel advies. Holdingstructuren moeten worden beoordeeld op basis van de concrete feiten, contracten, aandeelhoudersverhoudingen, financiering en toekomstplannen.